Teambuilding

Teambuilding

Een middag teambuilding

“Door de gesprekken tijdens de teambuilding met mijn teamgenoten en de trainer heb ik meer talenten van mijzelf kunnen benoemen en openingen gevonden die ik kan gebruiken om met mijn talenten, mijn dromen, binnen het team te realiseren.” — Deelnemer Jeanne

Teambuilding: 3,5 uur
Deelnemers: max 4 bij 1 trainer

Aandachtspunten:

  1. Het uitgangspunt is oplossingsgericht trainen.
  2. De focus ligt op de eigen mogelijkheden, kwaliteiten, om inzicht te krijgen en in actie te komen.
  3. De teamgenoten staan centraal.
  4. Een ontspannen en veilige sfeer staat voorop.
  5. Teamleden leren om snel naar de essenties te gaan en positief te anticiperen op het team.

Ronde 1

Bepaal de kernkwaliteiten

In de 1e ronde ontdekt ieder teamlid zijn persoonlijke kernkwaliteiten. We werken vanuit een onderzoekshouding en komen bij het eigen positieve zelfbeeld dat iemand intuïtief bezighoudt. Met welke kwaliteiten wil je in de toekomst aan de slag?

Kernvraag

Welke kwaliteiten van jou zou je eigenlijk écht in de wereld willen zetten? Hoe pas je die in het team?

Subvragen zijn

  1. Wat is iets wat je hebt gedaan/neergezet waar je trots op bent?
  2. Wat doe je wat je niet laten kun? Wat gaat automatisch?
  3. Wat zou je omgeving zeggen dat kenmerkend voor jou is? En je collega’s?
  4. Wat mist een groep als jij er niet bent? Met andere woorden: wat breng jij altijd in?

De uitkomst van de 1e ronde is dat iedere deelnemer zijn kernkwaliteiten weet te benoemen en in te voelen. Daarbij kan de deelnemer de kernkwaliteiten oproepen en als ideale werkhouding inzetten.

Ronde 2

Onderzoek de kans

In de 2e ronde staat het in het team brengen van de kernkwaliteiten centraal. We werken met het voorstellingsvermogen: de fantasie wordt geprikkeld ieder denkt vrijuit zonder nog te veel stil te staan bij alle beperkende omstandigheden.

Kernvraag

Wat zou je het liefste willen doen met de kernkwaliteiten die je in de eerste ronde hebt benoemd? Hoe kan je daar met je teamgenoten het beste gebruik van maken?

Subvragen zijn

  1. Wat wilde je al doen toen jong was (diverse leeftijden). Wat streefde je toen na? Welke verlangens wil je nu realiseren?
  2. Je wordt morgen wakker en je kernkwaliteiten zijn volledig tot uitdrukking gekomen in je werk. Wat zie je jezelf doen?
  3. Als je met deze kwaliteiten aan het werk bent, wat merken je andere teamgenoten aan jou?

De uitkomst van de 2de ronde is dat alle teamleden hun droom (binnen de organisatie) weten te verwoorden.

Ronde 3

Vormgeven van de volgende stap
De 3de ronde gaat over het concretiseren/verder onderzoeken van de kansen voor de teamleden Het gaat om oriënteren, het vaststellen en het zetten van de volgende stap.

Kernvraag

Wat gaan jullie vanavond/morgen doen om een stap dichter bij de teamdoelen te komen?

Subvragen zijn

  1. Wat is er nodig om de kansen te realiseren/ de doelen te realiseren?
  2. Wie of wat heb je daar voor nodig? Heb je dat er voor over?
  3. Heb je voldoende contact met de teamleden die je nodig hebt? Hoe ga je dit aanpakken?
  4. Wat kun je verder nog doen?
  5. Welke stap geeft je energie? Waar wil je mee aan de slag gaan? Wat wil je onderzoeken?

Essenties

Waarderend

Waarderende teambuilding maakt het team sterk en biedt mogelijkheden. Door waarderend met elkaar in gesprek te gaan creëer je een veilige omgeving die het mogelijk maakt om op een andere manier naar je team te kijken op een manier die er echt toe doet. Het hebben over talenten en sterke punten, biedt de mogelijkheid om vanuit daar in te gaan op mogelijke belemmeringen.

Oplossingsgericht

Oplossingsgerichte teambuilding richt zich niet op het probleem, maar op het doel: de gewenste situatie. In oplossingsgerichte teambuilding wordt het teamlid als competent beschouwd om zijn/haar doel te formuleren, oplossingen te bedenken en uit te voeren die dit doel dichterbij brengen. Het individu in zijn/haar rol binnen het team staat centraal.

Oplossingsgerichte teambuilding richt zich op het bereiken van het gewenste doel van het team/organisatie. Het uitgangspunt is daarbij dat het teamlid zelf over het vermogen beschikt om de situatie te veranderen en zijn/haar deel bij te dragen om de team/organisatiedoelen te realiseren; het gaat dus sterk uit van zelfredzaamheid en zelfsturing.

De trainer helpt door middel van het stellen van vragen en geven van oefeningen om het teamlid eigen vermogens en hulpbronnen te laten herkennen en activeren en zo het teamlid te motiveren tot gedragsverandering.